Bestanddelen van het kunstmatige kniegewricht
Een knieprothese is een nabootsing van het menselijk kniegewricht. Daarom bestaat het net als het natuurlijke kniegewricht uit een bovenbeen- en een onderbeencomponent, soms wordt ook een knieschijfcomponent toegepast.
Gebruikte materialen
De prothesedelen bestaan uit verschillende materialen:
Voor boven- en onderbeencomponenten worden tegenwoordig vaak metaallegeringen gebruikt, waarbij met name kobalt-chroom-molybdeen-metaallegeringen zich onderscheiden doordat ze goed worden verdragen en ze een lange levensduur hebben. Daarnaast worden ook prothesedelen van speciale kunststofpolymeren gebruikt, die de als glijlager dienende kraakbeenlaag van het menselijke gewricht nabootsen.
De chirurg beslist aan de hand van de individuele omstandigheden van de patiënt, welke materialen er in aanmerking komen.
Knieoppervlakprothese
In veel gevallen is het voldoende wanneer alleen de beschadigde kniegewrichtsstructuren rond het gewricht worden vervangen: een kapje van metaal wordt over de natuurlijke dijbeenknokkel geschoven, en op de scheenbeenkop wordt een metalen plaat bevestigd. Daartussen komt een plaatje van kunststof als glijlager. Ook de achterzijde van de knieschijf kan in sommige gevallen worden vervangen door een kap van kunststof.
Daarmee worden alleen de beschadigde oppervlakken vervangen, dit heet ook wel een oppervlakteprothese. Daarbij wordt de botsubstantie ontzien en blijven de belangrijke, steungevende bandstructuren grotendeels behouden. Momenteel geldt dit als de standaardoperatie bij kniegewrichtsprothesen.